Van buiten naar binnen – 1

Van buiten

Ze kent het huis vanaf haar jeugd. Het is groot, het heeft wel acht kamers, zo heeft ze zich laten vertellen, ze is er nog nooit binnen geweest. Wat opvalt is dat het paars is, knal paars, de muren, het dak, als ze erlangs loopt lijkt het haar maar raar om in een paars huis te wonen. En duur vanwege de hoge stookkosten, want ook dat is wat mensen erover zeggen: dat je je in zo’n groot huis scheel betaalt aan energie om alle vertrekken te verwarmen. Maar, zo zeggen ze erbij, het is natuurlijk wel heerlijk wonen als je een groot gezin hebt, ieder kind heeft een eigen kamer. Dit is hoe zij als meisje naar het huis leert kijken: hoge stookkosten en ideaal voor grote gezinnen.

Van binnen – de eerste tijd

Ze is veertig als ze het huis koopt. De eerste tijd denkt ze dat ze muren buiten zal overschilderen, want dat paars, wie wil er nu een huis met paarse muren. Maar als ze er een tijdje woont, weet ze het zo zeker niet meer. Als je in het huis woont, zie je vooral de binnenkant, en die is niet paars. Dat het paars is, is meer iets dat de mensen opvalt die tegenover het huis wonen of die voorbij het huis lopen. En de stookkosten vallen mee. Ze verwarmt vooral de ruimte waar ze is, dan is het goed te doen, bovendien heeft ze veel zonnepanelen genomen en het huis perfect laten isoleren, dat drukt de energie-rekening. En wat de mensen zeiden over dat het ideaal is voor een gezin, dat ervaart ze zelf niet zo. Ze heeft geen kinderen, wil geen kinderen.

Maar toch, de eerste tijd als ze over het huis vertelt, vertelt ze wat ze vroeger van andere mensen heeft gehoord: dat je wel moet oppassen met stoken, en dat zoveel kamers ideaal zou zijn voor een gezin. Maar waarom vertel ik dat eigenlijk? denkt ze als ze goed luistert naar wat ze zelf zegt. Waarom vertel ik wat mij altijd verteld is in plaats van dat ik vertel hoe het daadwerkelijk voor mij is?

Van binnen – na een tijdje

Als ze er een tijdje woont, vindt ze het fijn dat ze veel afgebakende ruimtes heeft. Ze heeft een grote kantoorruimte, een yogakamer, een kleine meditatiekamer, een leeskamer, een kamer voor haar ene geliefde, een kamer voor haar andere geliefde, een eigen slaapkamer met ruime zit- een eethoek, een gemeenschappelijke woonkamer. Ze vindt het fijn om dingen gescheiden te houden, om zich te kunnen focussen, ergens in op te kunnen gaan zonder aan iets anders te hoeven denken, om geen partners te hoeven tegenkomen op momenten dat ze die niet wil tegenkomen. Het huis past bij haar manier van leven.

Ze had als kind niet gedacht dat dat het huis zijn waarde kon geven. Ze had ook niet voorzien dat haar leven er op deze manier zou uitzien.

Wijze les

Je weet pas hoe het is als je er daadwerkelijk naar binnen gaat. Tot die tijd hoor je er dingen over zeggen die maar deels waar zijn en maar deels relevant. Als je eenmaal binnen bent, duurt het een tijd voor je de ideeën van een buitenstaander los kunt laten.