Het schrijven zelf — ook dat maakt deel uit van een narratief (3)

Ik ben gaan schrijven om gezien te worden, zo stelde ik in de twee vorige blogposts.

Het benoemen van die drijfveer, dat is een narratief, en zoals altijd bij narratieven, is het niet de waarheid. Het is een model, een manier ertegen aan te kijken, een van de manieren.

Een mens weet nooit helemaal wat haar beweegt. Er zal altijd iets meespelen waarvan ze zich niet bewust is. Continue reading “Het schrijven zelf — ook dat maakt deel uit van een narratief (3)”

Het schrijven zelf — ook dat maakt deel uit van een narratief (2)

In de vorige blogpost schreef ik dat ik een narratief ontdekte van waaruit ik schreef, namelijk dat ik erkenning wilde krijgen, dat ik gezien wilde worden.

Ik denk dat wat me tot schrijven dreef, ook terug te zien is in verhalen die ik schreef. Dat daar veel personages in voorkomen die het stille verlangen hebben dat ik zelf had — om gezien te worden — of die proberen verder te leven zonder dat dat verlangen vervuld wordt. Continue reading “Het schrijven zelf — ook dat maakt deel uit van een narratief (2)”

Het schrijven zelf — ook dat maakt deel uit van een narratief (1)

Niet alleen personages hebben een narratief. Ook schrijvers hebben dat. Schrijvers hebben — bewust of onbewust — een narratief waarom ze schrijven. Of meerdere narratieven.

Zelf dacht ik aanvankelijk dat ik schreef omdat ik nou eenmaal niet anders kon, dat ik wel moest. Misschien was het waar. Het was in ieder geval waar dat ik het dacht.

Maar toen er voor het eerst een verhaal van mij werd gepubliceerd in een literair tijdschrift, ontdekte ik dat ik ook een andere drijfveer had, een ander narratief:

Ik werd me daarvan bewust toen ik trots met het tijdschrift bij mijn ouders op visite ging. Ik stelde ze voor dat ik het verhaal zou voorlezen, waarna mijn vader naar de keuken ging onder het mom om daar te drinken te halen. Hij bleef maar weg, ook toen ik begon voor te lezen. Toen ik het verhaal uit had, zei mijn moeder dat ze het verhaal niet helemaal had begrepen, maar dat het vast knap was, dat het mogelijk dusdanig knap was dat het haar verstand te boven ging.

Niet nodig om te zeggen dat ik teleurgesteld was. En in die teleurstelling werd ik me van een drijfveer bewust: dat ik met het schrijven ook erkenning van mijn ouders had hopen te krijgen.

Niet de schrijver maar het personage (4)

De schrijver schrijft. Het personage vertelt en houdt zichzelf gevangen in die vertelling. Vaak schrijft de schrijver over personages die zichzelf in hun verhaal gevangen houden.

In mijn boek Korte Verhalen Schrijven (2011) was ik dat al een beetje op het spoor. Al zou ik het pas na dat boek verder uitwerken. Toch schreef ik in dat boek al, in een hoofdstuk over kijken: Continue reading “Niet de schrijver maar het personage (4)”

Niet de schrijver maar het personage (3)

Een paar jaar heb ik geblogd op KorteVerhalenSchrijven.nl . Dat was een opmaat naar het boek Korte Verhalen Schrijven (2011), en toen dat boek eenmaal verschenen was, schreef ik steeds minder voor dat blog, totdat het uiteindelijk een stille dood stierf.

Die stille dood, soms vraag ik me af hoe dat kon gebeuren, waarom ik dat liet gebeuren. Misschien wel hierom: Continue reading “Niet de schrijver maar het personage (3)”

Niet de schrijver maar het personage(2)

Het lijkt misschien maar een kleinigheid dat de essentie van een verhaal niet is dat de schrijver een verhaal maakt, maar dat het personage dat doet.

Of met andere woorden: het personage zit niet in het verhaal, maar het verhaal zit in het personage.

Of misschien is het allebei wel waar. Misschien is het wel zo dat het personage in het verhaal zit, en dat het verhaal in het personage zit.

Zoals een droom onderdeel uitmaakt van iemands leven, en iemands leven onderdeel uitmaakt van een droom.